Havenmeesters

Gerke-HavenmeesterMet Gerke sta ik op de kettingbrug in Dokkum. Een sloep vaart richting admiraliteitshuis.
“Als Bruggeld regelingen op een dusdanige manier worden aangepast dat kleinere schepen meer de weg door de binnenstad kiezen zullen deze scheepjes daar eerder afmeren voor een boodschap of een terrasje. En dat is goed voor de uitstraling en de reuring in Dokkum” zegt Gerke Jagersma. Havenmeester van misschien wel een van de drukste(10.000 passanten) passantenhavens van Nederland. Dokkum ligt op de staande mastroute en is de poort voor recreatievaart naar N.O. Friesland en Groningen.


Rob-HavenmeesterMet Rob Meijers spreek ik aan boord van mijn schip voor de wal aan het Grutdjip in Dokkumer Nieuwe Zijlen. Een schilderachtige passantenplek die nog niet altijd goed wordt gevonden . Rob is Eigenaar /havenmeester van het Lunegat. Een ruim opgezette jachthaven (350 ligplaatsen) aan de Oostkant van de Lorésluis aan de Zuid–Westkant van het Lauwersmeer. Een jachthaven die past bij Rob, groot, breedlachs, goedgehumeurd en dienstbaar.


Beide mannen zijn zelfstandig ondernemer. Met verschillende bedrijven, en met een groot hart voor de watersporter. Flexibele aandacht, even helpen met een lijntje, wellicht met verhalen om wat meer ruimte te maken, contact maken met de passant, eventueel vaaradvies geven. Maar ook zorgen dat de vuilnis twee keer per dag wordt opgehaald, de havengelden geïnd, altijd beschikbaar zijn (ook s’ nachts bij calamiteiten) zijn voor Gerke vanzelfsprekende zaken.. Ook Rob heeft dienstbaarheid hoog in het vaandel; aanwezig zijn, zien dat schepen binnenvaren, assistentie bij afmeren voor passanten. Voor ligplaatshouders gaat het vooral om het scheppen van randvoorwaarden, goede prijs/kwaliteitsverhouding. Een haven die in orde is en er goed uitziet, goede winterstalling voorzieningen, ruime parkeerplaatsen, mogelijkheden tot (zelf) werkzaamheden, deskundig advies m.b.t. reparaties en een goed en beschikbaar netwerk met vakmensen uit de regio. Maar deze mannen kijken verder dan hun eigen havens. Projecten doorontwikkelen en afmaken is hun devies.
Zij volgen de ontwikkelingen van de infrastructuur voor de watersport in Noord – Oost Friesland op de voet.
De Zuider – Ee route biedt kansen aan ondernemers als deze klaar is. Het wachten is nog op de Schapensluis bij Dokkum en het doortrekken van de Zuider Ee naar Esonstad. Hulde voor de overheid tot zover. Maar er is ook wel wat kritiek. Veelal stopt de medewerking van overheden als infrastructurele projecten zijn afgerond. “ Maar dan begint het pas voor de ondernemer” zo hoor ik van beide mannen. “Bijvoorbeeld realiseren van insteekhaventjes bij horecavoorzieningen, betaalbare overnachtingsmogelijkheden aan het water om sloepvaarders naar Noord – Oost Friesland te trekken, bolders in plaats van ringen, verbinden van deze route naar Eernewoude en het Bilt”. Watersportondernemers en havenmeesters als Rob en Gerke hebben veel ideeën en kunnen die ook gewoonlijk goed realiseren maar stuiten op trage overheden. Zij hebben medewerking van de provincie nodig bijvoorbeeld bij het verkrijgen van vergunningen voor uitvoering van hun plannen.
Uiteindelijk moeten deze ondernemers het doen. Zij kunnen het en doen het met veel plezier.

Meer informatie en ook adviezen van de havenmeester op www.nautisch-instituut-noord-nederland.nl

John Coenders